Carice Anouk van Houten (Leiderdorp, 5 september 1976) is een Nederlands actrice. Ze is winnaar van drie Gouden Kalveren en een Rembrandt Award. Haar met een Gouden Kalf bekroonde rol in Zwartboek (2006) betekende de start van een internationale carrière.
Jeugd
Carice werd geboren als dochter van Nederlands-Schotse schrijver, musicoloog en filmhistoricus Theodore van Houten (1952) en Margje Stasse (1950), hoofd personeelszaken bij Teleac/NOT en vernoemd naar de dochter van Edward Elgar. Samen met haar twee jaar jongere zus Jelka groeide ze op met de cultuur van de kunst. Haar vader bracht zijn twee dochters regelmatig mee naar musea, theatervoorstellingen en films uit de klassieke cinema. Als kind nam ze klarinetlessen. Ze ambieerde al op jonge leeftijd om actrice of schrijfster te worden. In 1981 gingen haar ouders uit elkaar en vroegen een scheiding aan. Desondanks vertelde Van Houten een ‘fantastische jeugd' te hebben gehad. Ze bracht haar jeugd door in een huisje in het bos van Amelisweerd en groeide bij zowel haar moeder als vader op.
De doorslag om ooit actrice te worden gaf het zien van de musicalfilm Annie (1982). Ze raakte als middelbare scholier betrokken bij het toneel. In haar tienerjaren stond Van Houten bekend als een denker die niet veel sprak, terwijl haar zus Jelka werd beschreven als een rouwdouwer. Toen haar moeder scheidde van haar stiefvader, werd ze alsmaar stiller. Zelf vertelde ze dat ze in haar puberteit bang was om zichzelf te uiten en er nog niet aan toe was om een eigen mening te hebben.
Toneelschool
Na haar schooldiploma schreef Van Houten zich in bij de Toneelschool in Maastricht. Deze verliet ze al na een jaar, omdat ze zich ergerde aan de arrogantie van medestudenten. Ze volgde hierna lessen op de Kleinkunstacademie, waar ze al in het eerste jaar bleef zitten. Volgens klasgenoten was ze slordig, kwam ze nauwelijks opdagen en hechtte ze geen waarde aan de opleiding. Ze verbleef op meerdere adressen en nam deel aan wilde feesten. Tijdens de opleiding werd ze ontdekt door casting director Hans Kemna. Hij introduceerde haar bij zijn collega Job Gosschalk, die haar een rol gaf in de televisieserie Het Labyrint. Deze 13-delige serie werd in het najaar van 1997 uitgezonden.
Doorbraak
Tijdens haar derde jaar aan de Kleinkunst werd Carice opgemerkt door Martin Koolhoven. Hij bood haar een auditie aan voor de telefilm Suzy Q (1999) en werd uiteindelijk uit ruim 80 kandidaten gekozen voor de hoofdrol. Koolhoven sprak vol lof over de actrice. Daar ze zelf vertelde dat ze eigenlijk 'maar wat deed', zei de regisseur dat ze 'een zuiver talent is dat heel puur speelt'. De film werd een van de grootste successen van 1999 en leverde de actrice een Gouden Kalf op. Dit werd gevolgd door een Pisuisse-prijs, die ze in ontvangst mocht nemen als 'meest veelbelovende eindexamenleerling'. Carice werd onthaald als een van de nieuwe talenten. De actrice werd regelmatig gevraagd of het Gouden Kalf te vroeg kwam. Zelf vond ze van niet, omdat ze er weinig waarde aan hechtte.
Carice sloot zich in september 2000 aan bij het Noord Nederlands Toneel en maakte bij het gezelschap haar debuut als Polly in de Driestuiversopera, die op 14 oktober dat jaar zijn première beleefde. Intussen nam regisseur Koolhoven opnieuw contact met haar op en bood de actrice de vrouwelijke hoofdrol aan in AmnesiA (2001), haar eerste film die in de bioscoop werd uitgebracht. Ze speelde erin een rol die speciaal voor haar werd geschreven.
Roem
In haar volgende film Minoes speelde ze samen met veel katten. Het was opmerkelijk dat Carice de hoofdrol vertolkte, omdat ze zelf allergisch is voor de diersoort. Ze moest pillen slikken om allergische reacties in bedwang te houden. Het was een rol waarvoor ze naar eigen zeggen veel schaamteloosheid en fantasie moest hebben. De film werd niet alleen in Nederland, maar ook in het buitenland een groot succes. De pers was zeer onder de indruk van haar. Een recensent schreef dat ze 'de show stal' en 'met de juiste balans tussen dier en mens dimensie gaf aan een onwaarschijnlijk personage'. In 2002 mocht ze haar tweede Gouden Kalf in ontvangst nemen voor haar rol in de film. Het betekende voor de actrice haar doorbraak bij het grote publiek.
Hierna keerde Carice terug naar het theater. Ze speelde van september 2001 tot en met maart 2002 een vrouw uit de jaren '30 in de musical Foxtrot. Vervolgens speelde ze bijrollen in twee toneelstukken, Hedda Gabler en Een Meeuw.
In 2003 was ze opnieuw op het witte doek te zien, ditmaal in de film De Passievrucht. De Telegraaf noemde haar een 'eenzaam zonnestraaltje'. Een jaar later was ze te zien in de rockopera Ren Lenny Ren, waarbij de aandacht vooral uitging naar het duo Acda en De Munnik.
In 2005 was Carice te zien in twee jeugdfilms; Lepel en Knetter (wederom met regisseur Martin Koolhoven). Hoewel ze in beide films bijrollen speelde, sprak ze er zelf zeer positief over. Ze vertelde dat ze het leuk vond om 'op een bepaalde manier in de gedachten te blijven van kinderen'. Ze was dan ook vooral trots op Knetter. Hierin werkte ze voor de derde keer samen met Martin Koolhoven.
Zwartboek
In het begin van 2004 begonnen de audities van Zwartboek (2006), Paul Verhoevens eerste Nederlandse film in jaren. Toen Carice auditie deed, was het voor hem al vrij snel duidelijk dat ze de rol zou krijgen. Naar eigen zeggen wist hij al een half uur later dat zij de geschikte kandidate was. Aanvankelijk was er weinig zekerheid of de film wel tot stand zou komen, omdat het een groter budget vereiste dan gebruikelijk was in Nederland. Na veel oponthoud begonnen haar draaidagen in september 2005. In een column die ze destijds bijhield, schreef ze dat ze er ongekende luxe meemaakte.
Carrière
Voor haar toneelwerk won ze in 2003 de Colombina voor haar rol van Macha in Een Meeuw van Tsjechov onder regie van Theu Boermans bij De Theatercompagnie. Ze won drie Gouden Kalveren voor haar titelrollen in de films Suzy Q en Minoes en haar hoofdrol in Zwartboek. Zwartboek leverde haar in 2008 ook een Glamour Award op.
In de zomer van 2007 nam Van Houten haar eerste Engelstalige film op. Deze productie, Dorothy, werd opgenomen bij Dublin en geregisseerd door de Franse regisseur Agnès Merlet. Vervolgens speelde zij Nina, de echtgenote van graaf Claus Schenk von Stauffenberg (gespeeld door Tom Cruise) in een remake van The plot to Kill Hitler uit 1990, getiteld Valkyrie.
In oktober 2007 speelde ze in Marokko naast Leonardo DiCaprio in de film Body of Lies van regisseur Ridley Scott. Uiteindelijk haalde haar rol de bioscoopversie van de film niet, omdat aan de montagetafel bleek dat het plot rond haar personage niet werkte. En in Toronto behoorde ze tot de cast van Repo Men, een sf-thriller over illegale donorhandel, samen met onder meer Jude Law en Forest Whitaker. Repo Men droeg lange tijd de werktitel Repossession Mambo.
In 2007 werd zij door het publiek van de Nederlandse Filmdagen in Utrecht gekozen tot 'Beste Nederlandse actrice aller tijden'. Sinds haar succes in 2006 met Zwartboek heeft zij snel een grote internationale reputatie verworven. In 2008 won ze een Rembrandt voor haar rol in Alles is liefde. Carice werd in maart 2008 voor een Lola genomineerd voor haar rol in Zwartboek.
In april 2009 werd bekendgemaakt dat Carice een rol gaat spelen in de Britse horrorthriller Black Death en in de nieuwe Nederlandse film Komt een vrouw bij de dokter, de verfilming van de gelijknamige bestseller van Kluun. Komt een vrouw bij de dokter is geregisseerd door Reinout Oerlemans en zal vanaf 26 november 2009 in de bioscoop te zien zijn.
Op 13 augustus 2009 werd bekendgemaakt dat Carice de hoofdrol gaat spelen in De gelukkige huisvrouw, de verfilming van de gelijknamige roman van Heleen van Royen. Antoinette Beumer regisseert de film, waarvan de opnamen in oktober 2009 moeten beginnen.
Bron: oa Wikipedia
Andere boegbeelden: Ilse de Lange, Georgina Verbaan, Jennifer Aniston, Audrey Hepburn