Nadat we een midweek met mijn ouders, broer, schoonzus, neefjes en ons gezin waren weggeweest, leek het ons ook wel fijn om een weekje met ons eigen gezin weg te gaan. Het was even speuren, met drie kids van vijf, drie en bijna twee hadden we wel wat wensen voor een last-minute, maar uiteindelijk vonden we een leuk bungalow- en chaletpark annex camping in het Limburgse Susteren: Landgoed Hommelheide.
Kamperen
Ik heb in mijn jeugd en later ook wel met heel veel plezier gekampeerd. Mijn echtgenoot krijgt echter geen warme gevoelens van kamperen, dus zoeken we het compromis meestal in een stacaravan of chalet en dan het liefst op een park waar ook een camping bij is. In dit geval prima gelukt dus.
Het park is schitterend: de entree doet het 'm al, het ziet er allemaal zeer verzorgd uit. Mooie speeltuin met springkussen, een kinderboerderij, prachtig peuterbad, overdekt zwembad met sauna/wellnesscenter erbij, supermarkt, snackbar, noem maar op. Maar de hoofdattractie hier is toch wel het meer met de superglijbanen. Apart zwem- en visgedeelte (ik vraag me altijd af hoe die vissen dat snappen, maar dat terzijde).
Vlindertjes
Genoten hebben we aan dat meer! Emmertjes en schepjes mee, drie paar vlindertjes voor om de armen, zwembanden, opblaastroepjes, handdoeken, teken- en betenset, zonnebrand, pleisters, we namen nog net niet de bolderkar mee om alles die dertig meter te vervoeren.
Bolderkar? Nee, die hadden we niet gehuurd, die namen we mee. Net als de fietsen, de aanhangfiets, de fietsen voor de kleintjes, loopauto, een skelter (en dan niet zo'n kleintje) en een heleboel andere troep. Sinds kort heeft onze oude Volvo (voormalige politieauto met 370.000 (!) kilometer op de teller) namelijk een trekhaak. Nu hebben we hier op onze boerderij geen paarden meer, maar de paardentrailer nog wel... Je begrijpt het al. Onder de ogen van verbaasde mede-huisjes-huurders werd onze trailer uitgepakt, de inhoud werd verdeeld en alles is met veel plezier gebruikt!
Dat huisjes was een verhaal apart. Ik vertelde over het park en dat er een supermarkt was. Deze supermarkt ligt aan een brink en daaraan grenzend de kantine, het terras en de snackbar. Hier was ook een doorgang naar het meer. En ons huisje lag recht tegenover de supermarkt.
Waar het precies aan lag, weet ik ook niet. Was het het feit dat het het enige huisje tussen een rijtje chalets was? Was het de ruit die spiegelde? Was het dat je dwars door het huisje heen kon kijken? We weten het niet. Maar iedereen, en dan bedoel ik ook iedereen, dus: alle bezoekers van de supermarkt, iedereen die aan die brink moest zijn, alle hondenuitlaters, alle vaders die achter kleine fietsjes met hun kids aan renden, de moeders met boodschappentassen uit die supermarkt, echt iedereen KEEK BIJ ONS NAAR BINNEN! Wij hadden er wel lol in, dat heb je als je zelf achteraf woont en alleen je schoonvader af en toe op het erf tegenkomt (of diens broer). Maar je zult toch normaal gesproken aan een doorgaande weg wonen? Dan heb je nog geen vakantie. Heb ik de muziek (al dan niet live, maar wel erg aanwezig) al genoemd? Die was ook op de brink!
Voordeel was wel dat onze meiden van 3 en 5 zelfstandig naar de activiteiten die het animatieteam organiseerde toe konden gaan. En we hadden die verse broodjes 's ochtends al heeeel snel binnen natuurlijk! Maar het bleef een apart fenomeen.
De week vloog om, wij hebben genoten en nu de was nog wegwerken.....
misschien komt het ook
misschien komt het ook doordat Limburgers meer binnenkijkers zijn:). Zoeken eerder contact dan de noorderlingen. Een keertje zwaaien dan doen ze het niet nog een keer denk ik. Of ze zwaaien natuurlijk gewoon terug, dat zou ook zomaar nog kunnen met Limbugers...
Anja Beerepoot